De zotte jaren zeventig – de buurvrouw

Hotel P, de twee panden rechts op de foto.

Naast onze woongroep stonden twee smallere panden. Of eigenlijk anderhalf, want een ervan had alleen maar een voorhuis. In dat pandje zat een piepklein hotel, Hotel P. De eigenaar ervan hadden we al leren kennen: toen wij op een mooie herfstavond bij open raam een verjaardag vierden kwam hij rond elf uur heel boos langs om te zeggen dat die herrie moest ophouden. Hij had zijn pyjama aan met daaroverheen een regenjas in zijn hand een honkbalknuppel, achter hem stond bedremmeld zijn vrouw in een vaalrode kamerjas. P. pakte een LP van de draaitafel en zeilde die zo door het open raam de gracht in. Zonde, het was In and Out of Focus van Thijs van Leer, de hoes bleef eenzaam achter.

Keizersgracht Amsterdam

In het voorjaar kwam het pand tussen ons en hotel P. vrij. De textielgroothandel vertrok naar het Confectiecentrum in Amsterdam-West. Wij hebben nog pogingen gedaan het pand te kopen, maar het was volgens de makelaar al verkocht aan Hotel P. voor een belachelijk lage prijs. We werden nu dus directe buren, ook de tuinen grensden aan elkaar.

Niet veel later bleek de klimop, die op onze grond stond, te zijn doorgezaagd. Dat had P. gedaan, uiteraard zonder overleg, ‘Want’, zei hij, ‘die klimop groeit op onze achtergevel en daar hebben we last van, er zitten allemaal spinnen in.’ Het is nooit meer goed gekomen tussen meneer P. en ons.

Maar in feite hadden we weinig last van het hotel. Via via hoorden we dat P. vroeger taxichauffeur was geweest maar wegens een drankprobleem had moeten stoppen. Mevrouw P.  zagen we sporadisch, ze groette ons wel, maar daar bleef het ook bij. Tot ze op een dag opeens op de stoep stond met een blauw oog. In de gemeenschappelijke keuken deed ze haar verhaal: haar man was verschrikkelijk. Ze mocht het huis nooit uit, moest alleen maar werken en poetsen en als hij een borreltje op had sloeg hij haar. ‘Doe er dan wat aan, ga weg’, adviseerden we. Maar dat gebeurde natuurlijk niet.

Op het stoepje van de woongroep

Soms op mooie warme dagen, als we op het bankje voor het huis zaten, kwam mevrouw P. even bij ons zitten. Ze zag er slecht uit, het haar in pieken, wallen onder haar ogen. Als haar man weg was, durfde ze haar verhaal te doen. Het werd steeds erger, vertelde ze, ze had nu echt plannen om bij hem weg te gaan. Maar ja, de zaak hè.

Een jaar later stond het pand te koop. Er deugde zoveel niet, dat de gemeente het pand had afgekeurd als hotel. Ze zouden voor tonnen moeten verbouwen en daar hadden ze geen zin meer in. Meneer P. was vertrokken naar de Spaanse zuidkust waar ze een flatje hadden, zij vertrok naar Almere waar haar dochter woonde.

En paar jaar later kwam ze nog eens langs. Ze zag er een stuk beter uit, had een dure mantel aan, was naar de kapper geweest en had uitgebreid boodschappen gedaan bij De Beijenkorf. Ze was al jaren gescheiden vertelde ze, gelukkig maar. Ze had het heel erg naar haar zin in Almere, ze werkte in de kantine van de sportvereniging. ‘En meneer P.’, vroegen we. ‘Tja, daar is het niet goed mee afgelopen. Hij is door de politie gevonden in de flat in Spanje. Vermoord. Waarschijnlijk door een van de schandknapen die hij regelmatig mee naar huis nam.’ Ze vertelde het zonder emotie.

Op internet vond ik één beoordeling van het hotel uit een Amerikaans dagboek uit 1970: “The included breakfast at the hotel was definitely substandard. It was still a Dutch breakfast with cold cuts, sliced cheese and bread, but there was little variety and portions were minimal. Worst of all were the beverages. The proprietor took our orders, then walked over to his coin-operated dispensing machine to get them. The quality was poor, the plastic cups were tiny, and any refills were up to us to buy.
The hotel itself was a disappointment. Darrell had written the Tourist Board (VVV) to make reservations, asking for three rooms in a private home with a Dutch family. (The term B&B was not yet in use.) They referred us to the Hotel P., which was family-owned, but was a far cry from what we wanted. The owner was civil, but not really friendly, and there certainly was nothing homemade about the breakfast.”  

Zie ook:
de zotte jaren zeventig, in het bakhuis http://wp.me/p1MauM-a9
de zotte jaren zeventig 2, de woongroep http://wp.me/p1MauM-bB
de zotte jaren zeventig 3, het probleem Edy http://wp.me/p1MauM-bN

Over Wllm Kalb

schrijver, lezer, docent - focus: taal, geschiedenis, fotografie, Duits(land), muziek en films uit de jaren '20 - '50
Dit bericht werd geplaatst in Feiten en meningen, geschiedenis en getagged met , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s